Mijn laatste dag kon ik niet duiken, vanwege de
vlucht laat in de avond, dus heb ik de fiets van eigenaresse Jennifer een dagje
gehuurd en het eiland verkend. Er wonen duidelijk niet veel mensen op het
eiland. Zelfs de hoofdstad lijkt verlaten, kun je nagaan als je de heuvels in
fietst… Soms flink heuvelop, af en toe een huisje, jungle en zee (een dutje op
het strand) en vooral kinderen die naar me zwaaiden en eentje probeerde me
zelfs rennend bij te houden.
kortom, een heerlijke dag. Vooral bijzonder zijn
de steengeld-banken, waar de Rai opgeslagen zijn op het eiland. De rai werden
op Yap lange tijd als geld gebruikt. Deze ronde stenen, van soms wel drie meter
in doorsnee, wisselden weliswaar van eigenaar maar meestal niet van plaats.
Aangezien ze erg moeilijk te verplaatsen waren, onthield gewoon iedereen in een
dorp welke steen van wie was en bij elke transactie waren getuigen aanwezig.
Hierdoor was diefstal dan ook niet mogelijk. Intussen zijn de rai als
ruilmiddel vervangen door de Amerikaanse dollar.Er liggen een paar duizend van
deze stenen over de eilanden.
‘s- Avonds een pilsje met wat Amerikanen en
Jessica en ik zou midden in de nacht gaan vliegen. De eigenaren Jennifer en Mark
hadden vervoer voor ons geregeld, met twee auto’s met 4 mensen uit Guam en een
Britse werd ik bij het kleine vliegveld afgezet. Na een kort nachtvluchtje
landden we om 3 uur ’s-morgens in Guam, ook hier heb ik maar een bankje gezocht
om even wat te pitten en daarna van nog een paar dagen Guam te genieten…